NL EN

Patiënt Login

Wetenschappelijk onderzoek

Prof. Dr. Corten heeft in het kader van zijn doctoraatsthesis de spiersparende operatietechniek verder op punt gesteld

Door het vele onderzoek dat Prof. Dr. Corten heeft verricht in het kader van zijn doctoraatsthesis kan worden aangetoond dat de spiersparende operatietechniek vele voordelen oplevert ten opzichte van de meer klassieke technieken. In januari 2014 heeft hij deze doctoraatsthesis met succes verdedigd aan de Universiteit van Leuven. Hieronder vind u een korte samenvatting van de tekst:

Ontwikkeling Van Een Allesomvattend Outcome Platform

Totale heup prothese operaties (THP) zijn een van de meest succesvolle ingrepen binnen de Orthopedische chirurgie. De chirurgische behandeling van patiënten met slijtage van het heupgewricht door middel van een totale heupprothese werd onlangs nog “de operatie van de eeuw” genoemd. De gerapporteerde resultaten zijn uitstekend en daardoor lijkt het nog moeilijk om de resultaten van patiënten met een totale heupprothese te verbeteren. Echter is er nog ruimte voor verbetering. Niet enkel de implantaten worden verbeterd, ook de chirurgische technieken worden verder op punt gesteld. Om deze verbeteringen zo goed mogelijk aan het licht te brengen is het noodzakelijk om enerzijds de meetinstrumenten te verbeterenmaar ook om anderzijds de verschillende meetinstrumenten bij elkaar te brengen onder de noemer van een ‘onderzoek platform’.
In het onderzoek van deze thesis werd in de eerste plaats de spiersparende methode om het plaatsen van de totale heupprothese op punt gesteld: ‘de direct anterieure benaderingswijze’ oftewel ‘de benaderingswijze langs voor’. Deze spiersparende methode heeft als doel de spierschade te neutraliseren en de kans op complicaties te minimaliseren. Deze methode heeft theoretisch heel wat voordelen zoals een sneller herstel en een kleinere kans op ontwrichtingen. Echter is deze methode technisch moeilijker waardoor een beperkt aantal chirurgen de methode vandaag kunnen toepassen. Het onderzoek heeft aangetoond dat de nieuwe, geoptimaliseerde techniek nu wel veilig kan uitgevoerd worden door chirurgen die minder ervaring hebben waardoor veel meer chirurgen deze methode zullen kunnen aanwenden om hun patiënten te helpen.
In het vierde tot zesde hoofdstuk werden een aantal potentiële voordelen van de nieuwe techniek vergeleken met de conventionele techniek: ‘de postero-laterale benaderingswijze’ oftewel ‘de benaderingswijze langs achteren’. De meetinstrumenten om dit te onderzoeken werden op punt gesteld en gevalideerd. De nieuwe techniek blijkt inderdaad een zeer kleine kans op ontwrichtingen te hebben (slechts 2 op 868 ingrepen). Bovendien blijkt de functionaliteit van de patiënt gelijk lopend tezijn met deze van gezonde mensen van dezelfde leeftijd en geslacht. Hetdoel om de patiënt terug op het niveau van de gezonde populatie te krijgen werd bereikt in alle gevallen. Bovendien hadden 60% van de onderzochte patiënten geen enkele last meer rondom het geopereerde heup gewricht terwijl dit slechts het geval was in 24% van de patiënten die langs de klassieke methode werden geopereerd. De reconstructie van het heupgewricht was even accuraat in beide methodes. Het beenlengte verschil was slechts 1mm in de nieuwe techniek. Tenslotte was het gangpatroon met de nieuwe techniek bijna hetzelfde als deze van gezonde mensen terwijl andere patiënten toch een bepaalde gangafwijking bleven overhouden.
In het zevende en het laatste hoofdstuk werden toekomstige onderzoekingen voorbereid om op nog meer ‘evidence-based’ wijze de resultaten van het huidige onderzoeksproject te bestendigen.


Geïnteresseerden kunnen op verzoek een kopie bekomen van de volledige tekst. Dit verzoek kan ingediend worden op het moment dat u zich registreert als professioneel gebruiker.